Veilig landen en sterker turnen begint met de juiste landingsmat. Je ontdekt welke mat past bij jouw toestel en niveau-van val- en wedstrijdmatten tot wendbare throw mats-met praktische tips over dikte, demping versus rebound, afmetingen en normen (EN 12503/FIG). Ook krijg je adviezen voor opstelling en onderhoud, zodat je blessures voorkomt en je landingen zelfverzekerd kunt “sticken”.

Wat is een landingsmat voor turnen
Een landingsmat voor turnen is de dempende ondergrond waarop je veilig kunt landen na sprongen, afsprongen en series, zodat je gewrichten, rug en enkels minder klappen krijgen en je controle houdt in de laatste pas. Zo’n mat bestaat meestal uit meerdere schuimlagen met verschillende densiteiten: een toplaag die je landing stabiliseert, een kern die de impact absorbeert en soms een onderlaag die slip voorkomt. De hoes is vaak van sterk vinyl of pvc met antisliphoeken en verstevigde naden, zodat de mat lang meegaat en niet verschuift. Demping is het vermogen van de mat om energie op te nemen, terwijl rebound de lichte terugvering is die helpt om niet door te zakken; die balans bepaalt hoe soepel je landing voelt.
Je gebruikt landingsmatten bij toestellen als sprong, brug, balk, ringen en bij vloerafsprongen, in training én op wedstrijden. Afhankelijk van je niveau en de oefening kies je een andere dikte en hardheid: dikker en zachter voor hoge afsprongen, stabieler voor gecontroleerde landingen bij kleinere hoogte. Veel matten zijn segmentbaar en koppelbaar met klittenband, zodat je snel een veilige landingszone opbouwt. Moderne landingsmatten volgen veiligheidsnormen zoals EN 12503 en, bij wedstrijdgebruik, richtlijnen van de internationale turnbond, zodat je zeker weet dat de demping en stabiliteit kloppen.
Functie: veilige landing en blessurepreventie
Een landingsmat verlaagt de impactkrachten bij elke landing door je afremtijd te verlengen, waardoor de piekbelasting op enkels, knieën, heupen en wervelkolom flink daalt. De combinatie van een absorberende kern en een stabiele toplaag verdeelt de energie en voorkomt doorzakken, terwijl gecontroleerde rebound helpt om direct balans te vinden en een landing te “sticken”. Antislip aan de onderzijde en voldoende grip aan de bovenzijde beperken wegglijden, en naadloze koppelingen en afgeschuinde randen verkleinen de kans op struikelen.
Zo voorkom je acute blessures zoals verstuikingen en overbelasting door herhaalde sprongen. Voor beginners geeft de mat vertrouwen om progressies veilig te oefenen, terwijl je als gevorderde compacte, voorspelbare demping krijgt die technisch correcte landingen ondersteunt en foutcontact minimaliseert.
Opbouw, materialen en demping
Een landingsmat is meestal gelaagd opgebouwd: een stabiele toplaag voor grip en richting, een kern die de klap opvangt en vaak een zachtere onderlaag die de energie verder uitspreidt. Fabrikanten combineren vaak gesloten-cellig PE-schuim (vormvast en steunend) met open-cellig PU-schuim (absorberend) voor de juiste mix van stabiliteit en demping. De hoes is doorgaans van slijtvast vinyl of pvc met verstevigde naden, ventilatieopeningen en een antislip onderzijde, zodat de mat niet schuift.
Demping is het vermogen om impact te verminderen; rebound is de gecontroleerde terugvering die voorkomt dat je wegzakt. Densiteit en schuimhardheid (vaak aangegeven als ILD/IFD, simpel gezegd hoeveel kracht je nodig hebt om het schuim in te drukken) bepalen hoe “zacht” of “stabiel” de mat aanvoelt bij landingen.
[TIP] Tip: Stem matdikte op toestel en turnniveau af; voorkom doorslaan of wiebelen.

Soorten landingsmatten en toepassingen
Onderstaande vergelijking laat de belangrijkste soorten landingsmatten in het turnen zien, met hun toepassingen, typische dikte/demping en relevante normen.
| Type landingsmat | Toepassing | Typische dikte & demping | Normen/vereisten & aandachtspunten |
|---|---|---|---|
| Val-/landingsmat (afsprongen en sprong) | Afsprongen bij balk, brug ongelijk, rekstok, ringen en landingszone na sprongtafel. | 10-20 cm, middelharde, progressieve demping (vaak PE toplaag + PU kern). | Voldoet aan EN 12503 (turnmatten). Allround inzet; combineerbaar met 3-10 cm aanvullingsmatten. Let op stabiliteit bij “stick”. |
| Wedstrijdmat/landingszone (FIG) | Officiële competities; vaste opstelling rond toestellen en spronglandingen. | Meestal 20 cm modules met uniforme, relatief vaste demping voor consistente landingen. | FIG Apparatus Norms + EN 12503. Afmetingen en opbouw per toestel vastgelegd; gebruik van extra 10 cm matten is per discipline/reglement beperkt of niet toegestaan. |
| Spotting-/aanvullingsmat (training) | Training en progressies; bovenop basislandingsmat of voor instappen/doorrol beschermen. | 3-10 cm, zacht tot medium; lage massa, makkelijk te verplaatsen. | EN 12503 van toepassing. Verlaagt piekbelasting en dekt naden af; kan stabiliteit verminderen, gebruik bewust en verwijder bij wedstrijdoefeningen. |
| Crashmat / zachte valmat (hoog-risico training) | Oefenen van releases, hogere sprongen en beginnerslandingen naast het toestel. | 20-40 cm, zachte open-cel demping voor diepe energieabsorptie. | EN 12503 (val-/landingsmatten); niet bedoeld voor FIG-wedstrijdlandingen. Maximale demping maar minder stabiel voor “stick”. |
Kernboodschap: stem dikte en dempingsniveau af op doel (training versus wedstrijd) en toestel, controleer EN 12503 en FIG-eisen, en combineer basislandingsmatten alleen met aanvullingsmatten waar het reglement dit toestaat.
Niet elke landing vraagt om dezelfde mat, daarom kies je uit verschillende types met elk een eigen rol. Dikke val- en landingsmatten (meestal 20 tot 30 cm) gebruik je voor afsprongen bij sprong, brug, rek, ringen en balk; ze nemen veel energie op en geven je toch genoeg stabiliteit om je landing te controleren. Wedstrijdmatten vormen modulaire landingszones volgens FIG-richtlijnen, met voorspelbare demping, strakke naden en antislip, zodat je op elk toestel dezelfde feedback krijgt; in training leg je hier vaak een extra zachte “throw mat” bovenop om nieuwe elementen veiliger te oefenen.
Dunnere aanvullings- en spottingmatten (rond 5 tot 10 cm) schuif je snel bij om een specifieke plek te beschermen of om een iets zachtere touch-down te creëren zonder het gevoel te verliezen, ideaal bij progressies en het verfijnen van techniek. Voor schoolgym en turnhal bestaan er koppelbare panelen met klittenband, zodat je snel grotere landingszones bouwt en de matten makkelijk verplaatst, stapelt en opslaat.
Val- en landingsmatten voor afsprongen en sprongtoestellen
Val- en landingsmatten zijn de dikke dempers onder afsprongen en bij sprongtoestellen. Ze combineren een stabiele toplaag met een absorberende kern, zodat je impact omlaag gaat zonder dat je doorzakt. Dikte ligt vaak tussen 20 en 30 cm; dikker voor hogere afsprongen, iets steviger als je een landing wilt “sticken”. De hoes is slijtvast vinyl met antislip onderzijde en verstevigde hoeken, en afgeschuinde randen verminderen struikelkansen.
Segmenten koppel je met klittenband tot een brede landingszone rond pegasus, rekstok, ringen, brug of balk. De drukverdeling is gelijkmatig tot aan de rand, zodat je niet wegkantelt bij een landing aan de zijkant. Voor nieuwe elementen leg je soms een zachte throw mat bovenop. In wedstrijden kies je FIG-conforme sets voor consistente demping en stabiliteit.
Wedstrijdmatten en landingszones (FIG)
zijn ontworpen om je overal dezelfde, voorspelbare landing te geven. Ze bestaan uit modulaire panelen met vaste maatvoering, demping en stijfheid binnen strikte FIG-toleranties, zodat je stabiliteit en energieopname consistent zijn, ongeacht de wedstrijdlocatie. De panelen koppelen naadloos met sterke klittenbandstroken en hebben antislip aan de onderzijde, waardoor de zone strak blijft liggen en randen niet opkrullen.
De toplaag biedt grip zonder te “plakken”, met een gecontroleerde rebound zodat je niet doorzakt en toch een landing kunt “sticken”. Toestelspecifieke configuraties zorgen voor de juiste afmeting bij sprong, balk en afsprongen van brug, rek en ringen. Dankzij duidelijke markeringen en uniforme opbouw kun je je afzet, vlucht en landing precies timen en met vertrouwen uitvoeren.
Spotting- en aanvullingsmatten voor training
Spotting- en aanvullingsmatten zijn dunne, wendbare matten die je bovenop een bestaande landingszone legt of precies op de plek waar je uitkomt. Denk aan throw mats van 5-10 cm die net genoeg extra demping geven zonder het gevoel te verliezen, ideaal bij het aanleren van nieuwe elementen of wanneer je veel herhalingen draait. Handgrepen en licht gewicht maken verplaatsen makkelijk, terwijl antislip en klittenband de mat op zijn plek houden.
Je gebruikt ze bij balk voor een zachtere touch-down, bij brug en rek om doorzwaaien op te vangen, of bij sprong om de eerste landingen te temmen. Door gericht te stapelen stem je de zachtheid af op je niveau, behoud je techniek en verklein je het risico op misstappen.
[TIP] Tip: Kies matdikte per oefening: dikker voor hoogte, dunner voor stabiliteit.

Hoe kies je de juiste landingsmat
De juiste landingsmat kies je op basis van je discipline, niveau en de hoogte/energie van je afsprongen. Gebruik onderstaande punten als snelle checklist.
- Dikte, densiteit en demping: hoe hoger de landingsenergie, hoe dikker en dempender de kern; voor precisiewerk of lagere afsprongen is een iets stevigere mat prettiger voor stabiel voetenwerk. Zoek de balans tussen demping en rebound, zodat je niet doorzakt maar piekbelasting wel wordt opgevangen.
- Afmetingen, segmenten en transportgemak: stem lengte/breedte af op toestel en valzone; kies brede panelen met koppelbanden voor een doorlopende landingszone zonder open naden, en afgeschuinde randen tegen struikelen. Overweeg modulaire/segmentmatten die opvouwbaar zijn en let op gewicht, handgrepen en eventueel wielen voor verplaatsing.
- Normen en veiligheid: voor wedstrijden kies je FIG-conforme sets; voor schoolgym en clubs matten die voldoen aan EN 12503. Controleer certificaten/labels en ga voor een hoes van slijtvast vinyl met verstevigde naden, ventilatieopeningen en een antislip onderzijde zodat de mat op zijn plek blijft.
Met deze criteria maak je een onderbouwde keuze voor jouw gymsetting. Twijfel je tussen twee opties, ga dan voor de veiligere (meer demping) en combineer in training eventueel met spotting- of aanvullingsmatten.
Dikte, densiteit en dempingsniveau per discipline en niveau
De juiste combinatie van dikte, densiteit en demping hangt af van hoeveel energie je bij je landing meeneemt en hoeveel stabiliteit je nodig hebt. Bij hoge afsprongen en sprongtoestellen kies je meestal 20-30 cm met een kern die veel energie absorbeert; voor lagere afsprongen of precisiewerk wil je vaak een iets dunnere of steviger mat, zodat je niet wegzakt en je landing kunt “sticken”.
Densiteit en schuimhardheid bepalen hoe snel de mat indrukt en terugveert: te zacht geeft instabiliteit, te hard verhoogt piekbelasting. Gelaagde opbouwen met een stevige toplaag en een meer open, absorberende kern geven voorspelbare demping. Train je nieuwe elementen of werk je met jongere turners, dan leg je een extra throw mat bovenop om het dempingsniveau tijdelijk te verhogen.
Afmetingen, segmenten en transportgemak
Bij het kiezen van afmetingen wil je een landingszone die ruimer is dan je verwachte uitloop, ook aan de zijkanten, zodat je bij afwijkende landingen toch veilig staat. Modulaire segmenten koppel je met klittenband tot één doorlopende mat zonder kieren; afgeschuinde randen verkleinen struikelkansen en maken opstappen makkelijker. Denk aan de logistiek: segmentmaten moeten door deuren en gangen passen en in je opslagrek of berghok kunnen, dus kies liever meerdere lichtere delen dan één zwaar paneel als je vaak verplaatst.
Handgrepen, een antislip onderzijde en een robuuste hoes versnellen op- en afbouw. Opvouwbare panelen met een flexibele scharniernaad besparen ruimte op de kar. Gebruik waar mogelijk een transportkar of trolley en stapel matten luchtig, zodat je ze snel, veilig en zonder schade kunt verplaatsen.
Normen en veiligheid (EN 12503 en FIG)
EN 12503 is de Europese norm voor turn- en valmatten en test of een mat veilig dempt en stabiel blijft. Hierbij wordt gekeken naar schokabsorptie, verticale vervorming, slipweerstand, scheurvastheid en maatvoering, zodat je niet doorzakt of wegglijdt bij de landing. FIG-richtlijnen gaan verder voor wedstrijden: ze schrijven de afmetingen, dikte, opbouw en koppeling van landingszones per toestel voor en keuren sets via een officiële homologatie, zodat je overal dezelfde, voorspelbare demping krijgt.
Ga je voor wedstrijden, kies dan FIG-goedgekeurde matten; voor training is EN 12503 de basis. Controleer labels en testrapporten, leg matten strak gekoppeld zonder kieren, gebruik antislip, laat voldoende overlap en inspecteer regelmatig op losse naden, ingezakte kernen en versleten klittenband.
[TIP] Tip: Kies dikte op basis van valhoogte, discipline en benodigde schokabsorptie.

Gebruik, onderhoud en levensduur
Voor veilig gebruik leg je landingsmatten strak tegen elkaar zonder kieren, koppel segmenten met klittenband en check of de antislip onderzijde goed contact maakt met de vloer. Houd de valzone vrij van obstakels en laat nieuwe opstellingen eerst rustig testen. Inspecteer regelmatig op losse naden, scheurtjes, ingezakte plekken, verschoven kernen en versleten klittenband; voel je de vloer “hard” worden of verlies je rebound, dan is vervanging nodig. Reinig de hoes met lauw water en een pH-neutrale reiniger, verwijder magnesium en taperesten direct, vermijd oplosmiddelen en hogedruk. Desinfecteer mild en laat matten volledig drogen, het liefst rechtop met ventilatie, uit direct zonlicht.
Bewaar droog tussen kamertemperaturen, stapel vlak met de zwaarste mat onderop en roteer gebruik om kuilvorming te beperken. Til aan handgrepen of gebruik een trolley, sleep niet over ruwe vloeren. Train bij voorkeur op blote voeten of geschikt schoeisel en voorkom scherpe objecten. Met consistent onderhoud kun je rekenen op meerdere jaren voorspelbare demping; bij intensief clubgebruik ligt de levensduur vaak tussen circa 3 en 7 jaar, bij lichter gebruik langer, zolang demping, stabiliteit en grip betrouwbaar blijven. Zo blijven landingen comfortabel, veilig en kostenefficiënt.
Juiste plaatsing en valzones in de turnhal of gymzaal
Voor een veilige opstelling leg je landingsmatten op een vlakke, schone vloer, met antislip goed contact en alle segmenten strak gekoppeld zodat er geen kieren of hoogteverschillen ontstaan. Richt de landingszone in de sprong- of afsprongrichting met voldoende diepte én extra breedte voor afwijkingen, en houd loop- en uitlooproutes vrij. Plaats afgeschuinde randen aan de buitenzijde om struikelen te voorkomen en zorg dat het niveau naadloos aansluit op aanloopbanen, balkopgangen of afsprongplatforms.
Fixeer panelen met koppelstroken zodat ze niet “kruipen” onder belasting. Gebruik spotting- of throw mats alleen volledig ondersteund bovenop de basiszone, nooit half zwevend. Controleer tijdens trainingen regelmatig op verschuivingen en leg alles direct terug voordat je volgende series draait.
Schoonmaak, inspectie en opslag
Houd je landingsmatten schoon door na elke training magnesium, stof en taperesten te verwijderen en wekelijks af te nemen met lauw water en een pH-neutrale reiniger; vermijd bleek, oplosmiddelen en hogedruk, die de hoes en naden aantasten. Laat matten volledig drogen met voldoende ventilatie voordat je ze stapelt, liefst uit direct zonlicht en weg van warmtebronnen. Plan vaste inspecties: check naden, ritsen, klittenband, antislip en handgrepen, voel op ingezakte plekken of schuifruimtes en let op scheuren of “harde” zones die duiden op vermoeide kernlagen.
Stapel vlak, zwaarste onderop, of bewaar rechtop met ondersteuning om doorbuigen te voorkomen, en roteer de inzet zodat slijtage gelijkmatig blijft. Gebruik een trolley voor transport en til aan handgrepen, niet aan de hoes.
Veelgemaakte fouten die je voorkomt
Veel fouten ontstaan al bij de opstelling: kieren tussen matten, te smalle of te korte landingszones en throw mats die half zweven over een rand. Zorg dat je alles strak koppelt, extra breedte rekent voor afwijkingen en alleen volledig ondersteunde lagen stapelt. Een andere klassieker is het verkeerde type of de verkeerde dikte gebruiken, waardoor je óf wegzakt óf te hard landt; stem demping af op hoogte en niveau.
Versleten klittenband, antislip of ingezakte kernen laten matten kruipen, dus inspecteer en vervang op tijd. Bij onderhoud gaan dingen mis met agressieve schoonmaakmiddelen, vochtige opslag of slepen over ruwe vloeren; reinig mild, droog volledig en verplaats met een trolley. Roteer gebruik, verwijder taperesten direct en train zonder scherpe zolen.
Veelgestelde vragen over landingsmat turnen
Wat is het belangrijkste om te weten over landingsmat turnen?
Een landingsmat voor turnen zorgt voor veilige landingen en blessurepreventie. Ze combineert dempende schuimkernen en slijtvaste hoezen. Er zijn val- en wedstrijdmatten, landingszones en spottingmatten, vaak conform EN 12503 en FIG-eisen.
Hoe begin je het beste met landingsmat turnen?
Start met een risicoanalyse per toestel en niveau. Kies passende dikte/densiteit, afmetingen en segmenten voor transport. Plaats matten correct in valzones, fixeer koppelingen, test demping stapsgewijs, en controleer certificering (EN 12503, FIG).
Wat zijn veelgemaakte fouten bij landingsmat turnen?
Veelgemaakte fouten: te dunne of te zachte matten, spleten tussen segmenten, schuivende matten zonder fixatie, onjuiste valzone-dekking, vervuiling en slijtage negeren, verkeerde opslag, en niet controleren op EN 12503/FIG-geschiktheid per discipline.